:28:02
Aanvaardt u alstublieft mijn geschenk:
:28:05
- Wat dan?
- De overwinning.
:28:14
- Wat is dit voor grap?
- Grap, heer?
:28:17
Deze man zal u de overwinning
brengen die u al hebt afgezworen.
:28:23
Luister naar hem.
:28:28
Wie ben je?
:28:31
Mijn naam is Ephialtes.
Ik woon in deze bergen.
:28:36
Wat kom je hier doen?
:28:38
- Ik ken een geheim pad door de bergen.
- Hoe bedoel je?
:28:43
Een oud geitenpad dat aan de
andere kant van de pas uitkomt.
:28:48
- Kun je ons erheen brengen?
- Ik ben een arm man.
:28:51
Nu niet meer. Dit is goud waard.
:28:54
Zoveel goud als je dragen kunt.
:28:57
Neem hem mee.
:29:02
Herroep alle bevelen.
:29:05
Stuur de helft van de Onsterfelijken met hem
mee. Ik leid de troepen van hieruit.
:29:10
Morgenvroeg vallen we Leonidas aan. Ga nu.
:29:16
Nu krijg je Griekenland.
Maakt datje gelukkig?
:29:21
Wie weet is het een valstrik.
Die bergen zijn verraderlijk.
:29:26
Je moet een gids meenemen.
:29:29
- Ik heb niemand.
- Jawel: Gryllus. Hij is hier met Demaratus.
:29:34
Laat hem metje troepen meegaan.