1:32:05
Mijn heer.
1:32:12
Aanvaardt u alstublieft mijn geschenk:
1:32:14
- Wat dan?
- De overwinning.
1:32:24
- Wat is dit voor grap?
- Grap, heer?
1:32:27
Deze man zal u de overwinning
brengen die u al hebt afgezworen.
1:32:33
Luister naar hem.
1:32:38
Wie ben je?
1:32:41
Mijn naam is Ephialtes.
Ik woon in deze bergen.
1:32:46
Wat kom je hier doen?
1:32:48
- Ik ken een geheim pad door de bergen.
- Hoe bedoel je?
1:32:52
Een oud geitenpad dat aan de
andere kant van de pas uitkomt.
1:32:57
- Kun je ons erheen brengen?
- Ik ben een arm man.
1:33:01
Nu niet meer. Dit is goud waard.
1:33:04
Zoveel goud als je dragen kunt.
1:33:07
Neem hem mee.
1:33:12
Herroep alle bevelen.
1:33:15
Stuur de helft van de Onsterfelijken met hem
mee. Ik leid de troepen van hieruit.
1:33:20
Morgenvroeg vallen we Leonidas aan. Ga nu.
1:33:26
Nu krijg je Griekenland.
Maakt datje gelukkig?
1:33:30
Wie weet is het een valstrik.
Die bergen zijn verraderlijk.
1:33:36
Je moet een gids meenemen.
1:33:38
- Ik heb niemand.
- Jawel: Gryllus. Hij is hier met Demaratus.
1:33:43
Laat hem metje troepen meegaan.